Maandelijks archief: oktober 2014

A la saint-glinglin

0003192-1-[1]

Zou jij geld lenen aan iemand die belooft je terug te betalen ‘à la saint-glinglin’? Waarschijnlijk niet. De naam alleen al doet een belletje rinkelen en de gelijkenis met die andere verzonnen heilige, sint-juttemis, dringt zich op.

Blijkt glinglin bovendien helemaal geen saint te zijn! Woordenboek Grand Robert verklapt dat à la saint-glinglin letterlijk: ‘wanneer de klok klinkt’ betekent.Saint is hier een vervorming van seing=signe/cloche, en glinglin komt van glinguer (klinken). Weet iemand over welke klok het gaat, en waar of wanneer? Niemand. De listige ontlener had dus evengoed ‘quand les poules auront des dents’ of ‘la semaine des 4 jeudis’ kunnen beloven. Maar dat vond hij vermoedelijk te riskant. Dan liever een ‘nooit’ vermomd als heilige.

Heb je het geld desondanks toch uitgeleend? Bye bye, centjes! Tenzij je hetzelfde slimmigheidje aan de dag legt als de humoristische rechter uit de – ware of fictieve – anekdote uit de rechtswereld. De wijze man veroordeelde een schuldenaar die zijn belofte te betalen ‘à la saint-glinglin’ niet nakwam tot het betalen van zijn schulden ‘à la Toussaint’, op 1 november, de dag van alle heiligen, schijnheiligen incluis.

Misschien het proberen waard. Voor wie het aanbelangt, hou 1 november in het oog.

Vooruit achteruit

winteruurdekat[1]

Wat wordt het dit weekend, een uurtje langer slapen of een uurtje vroeger opstaan? Stripfiguur Le Chat van Belgisch tekenaar Philippe Geluck kiest het eerste, want:”En octobre, on recule les aiguilles, en avril, on les avance.” Leuk geheugensteuntje – je bent nu eenmaal fan van Le Chat of niet –  al ontlokt zijn ezelsbruggetje ook veel scherpe noten.

Critici merken fijntjes op dat niet alleen in octobre, maar ook in septembre, novembre én décembre de letters RE voorkomen. Om vervolgens langs de neus weg toe te voegen dat de zomertijd in maart begint … en niet in april. Philippe toch, waar zat je met je gedachten?*

Taalpuristen huiveren dan weer voor het besmettingsgevaar van ‘heure’ in ‘changement d’heure’ en ‘passage de l’heure d’été à l’heure d’hiver’: winteruur en zomeruur mogen dan, naar Frans voorbeeld, standaardtaal zijn in België, toch verkiest men in het hele taalgebied wintertijd en zomertijd! Uurwerkliefhebbers ten slotte griezelen bij de formulering ‘on recule les aiguilles’: wijzers terugdraaien is nu eenmaal slecht voor de mechanismes.

Begeeft het geheugensteuntje van Le Chat het onder zoveel commentaar? Kom, we nemen meteen de proef op de som. Mogen we nu in de nacht van zaterdag op zondag een uurtje langer slapen of niet … ? Aha, het gammele ezelsbruggetje is dus toch stevig genoeg.

Slaap lekker (langer) 🙂

 

* Waarschijnlijk zat hij met zijn gedachten in het jaar 1978? Philippe Geluck werd geboren in 1954, de stripreeks Le Chat in 1983. 1978 was het enige jaar in die tijdspanne waarin de zomertijd op 2 april, en de wintertijd op 1 oktober begon (bron: Historique des changements d’heure).

De familie zonder naam

Les Untel 2

Neen, de echte naam van les Untel kom je nooit te weten. Monsieur Untel en Madame Unetelle verwijzen per definitie naar iemand van wie de naam irrelevant of onbekend is, en spelen zo hun rol van neutraal pantoniem. Maar daar zijn ze best tevreden mee. Net zoals meneer zus en zo of mevrouw die en die. Of Piet Pietersen, Jan Jansen, Dupont en Monsieur X. Want het kan erger.

Ook minder vleiende namen zijn immers in omloop. Duchmoll en Dugenoux, bijvoorbeeld. Of Duschnock, waarin je moeiteloos schnock, synoniem van imbécile en fou, herkent. Zelfs het luchtige Monsieur of Madame Tartempion familie huppeldepup, jawel suggereert tarte (dom) en pion (sufferd). Foei, niet netjes. Machin, truc, chose of bidule, equivalenten van je-weet-wel, dinges, lijken misschien neutraler, maar zijn het niet echt.

Gelukkig heten sommige Franse verwanten van Jan met de pet, dat andere pantoniem, gewoon Monsieur en Madame Tout-le-monde, l’homme de la rue of le Français moyen. Hoewel  – wat had je gedacht –  Monsieur Trucmuche en Madame Michu eveneens de ronde doen. Michu was oorspronkelijk een doodgewone man in een roman van Balzac, schrijft www.languefrançaise.net, maar enkel de uitdrukking mevrouw Michu bleef over; een meneer Michu komt zelden ter sprake.

Tenzij bij voetbalfans. Daar is Michu het koosnaampje van de Spaanse voetballer-aanvaller Miguel Pérez Cuesta. Deze meneer Michu (misju in het Frans of mitchoe in het Spaans) verkeert echter niet meteen in de kringen van Monsieur Tout-le-monde … . Lees er volgende tweet maar op na.

Langzaam lezen

images[6]

Sommige titels laten je jarenlang koud, alle verplichte schoollectuurlijsten, mooie heruitgaven of film- en tv-bewerkingen ten spijt. Totdat je in een doos oude boeken op de bewuste pocket stoot en beseft: nu of nooit.

Elke avond lees je een hoofdstukje. Bedachtzaam, als een fijnproever. Je hoort jezelf de bladzijden omslaan, je ruikt het oude papier, en na een half uurtje baken je het verhaal met de bladwijzer af. Wordt vervolgd. Morgen.

Le lion van Joseph Kessel speelt zich af in een wildreservaat, met de besneeuwde Kilimanjaro op de achtergrond. De ik-verteller is er te gast bij het directeursgezin, en ontdekt hoe passie voor een leeuw maar ook angst voor de wildernis hun doen en laten bepalen. De komst van de Masaï brengt een spannend crescendo op gang dat in een noodlottige ontknoping uitmondt.

Joseph Kessel regisseert zijn roman als een film, met afwisselend actie, dialogen en poëtische evocaties van de natuur die als het ware vragen om herlezen te worden. Hij legt een rustig leesritme op via de tweedelige structuur en de korte hoofdstukken, en zet aan tot reflectie met symbolische en maatschappijkritische toetsen. Maar bovenal vertelt hij een prachtig verhaal, dat sommigen tot tranen toe ontroert.

Herlezen, traag lezen, reflecteren voor meer impact en diepere beleving, is het dat niet waar het in de nieuwe ‘Slow Reading’-trend om draait? Langzaam lezen is goed voor je brein, schrijft de Washington Post, en vermindert stress. Het is vooral goed voor hart en ziel, daarvan levert het lezen van Le lion van Joseph Kessel een overtuigend bewijs.

Lees ook Een goed ‘Frans’ boek 

Wie is Simone?

Img-261-300x218[1]

Wist Erik Van Looy dat zijn ” ’t Is gebeurd “, telkens op het einde van een finale van de Slimste Mens ter Wereld, de Wikipedia zou halen? Wie weet. De kandidaat die in het Rad Van Fortuin voor het eerst “Ik ga het zeggen, Walter” zei, vermoedde waarschijnlijk niet dat zijn uitspraak een ludieke toekomst tegemoet ging. Zo worden populaire tv-programma’s soms (onverwachts) springplanken voor uitdrukkingen, en zo verging het ook de zegswijze ‘En voiture, Simone!

De vrolijke, alledaagse uitdrukking betekent ‘Allons-y, démarrons’ en is een verkorte vorm van En voiture Simone, c’est moi qui conduis, c’est toi qui klaxonnes!” Maar wie is toch die Simone?

In feite zijn het er twee.

De eerste Simone behaalde in 1929 (!) op 19 jarige leeftijd haar rijbewijs, nam succesvol deel aan autorally’s en -races, om in 1957 (!) een autorijschool te openen. Geen wonder dat de naam van deze autosportdiva in het geheugen van vele Fransen bleef hangen en aanleiding gaf tot woordspelletjes. Alleen haar voornaam weliswaar, maar dat is begrijpelijk: ze heette voluit … Simone Louise de Pinet de Borde des Forest. Dus zeg maar Simone.

De tweede was Simone Garnier. Ze was co-presentatrice van het populaire Intervilles, een leuk Frans tv-programma uit de jaren ’60. Haar medepresentator Guy Lux riep vaak ‘En voiture, Simone!, in allusie op Simone 1 én Simone 2. En zie, de zegswijze werd immens populair.

De uitdrukking mag al wat oubollig overkomen – ze dateert dan ook uit de vorige eeuw –  toch wordt ze tot op vandaag nog gretig gebruikt. ‘En voiture Simone’ duikt op als naam van blogs (van schrijver-journalist Franck Pelé, van autojournalist Yves de Partz, van de familie Simon op wereldreis), als naam van infosessies over covoiturage (carpooling), als merknaam van kinderaccessoires, enzovoort.

Een kranige oude tante die ‘En voiture, Simone’, niet? Tja, om dat succes te evenaren zullen ” ’t Is gebeurd ” en “Ik ga het zeggen, Walter” toch nog enkele tientallen jaren moeten knokken … .